Uitkering voor oudere gestopte ondernemers

Bent u zelfstandig ondernemer en stopt u met uw bedrijf? Misschien kunt u een IOAZ-uitkering krijgen. Een IOAZ-uitkering vult uw inkomen aan nadat u gestopt bent. 

Aanpak

Zo vraagt u de IOAZ-uitkering aan:

  • Neem contact op met de gemeente.
  • U heeft nodig:
    • uw geldige identiteitsbewijs
    • een bewijs van uw woonsituatie
    • bankafschriften van de afgelopen periode
    • uw boekhouding van de laatste 3 jaar

Omschrijving

Bent u zelfstandig ondernemer en 55 jaar of ouder? En stopt u met uw bedrijf? Misschien heeft u recht op een IOAZ-uitkering. Een IOAZ-uitkering vult uw inkomen aan nadat u gestopt bent met uw bedrijf. 

De hoogte van uw IOAZ-uitkering hangt af van:

  • uw inkomen
  • het inkomen van uw partner
  • uw eigen vermogen
  • het pensioen dat u via een bedrijfspensioen heeft opgebouwd

Als u met meer mensen in huis woont, is uw uitkering lager. Want u kunt de kosten voor levensonderhoud dan delen. Uw uitkering wordt niet lager als u samenwoont met uw kinderen (tot 27 jaar), studenten of huurders. 

Vraag de IOAZ aan bij de gemeente vóórdat u stopt met uw bedrijf, of binnen 3 maanden nadat u bent gestopt. 

Voorwaarden

De voorwaarden voor de IOAZ-uitkering zijn:

  • U bent 55 jaar of ouder, maar u heeft nog niet de AOW-leeftijd bereikt.
  • U stopt uiterlijk 1,5 jaar na de aanvraag van de IOAZ-uitkering met uw onderneming. Bent u al gestopt met uw bedrijf? Dan kunt u de IOAZ-uitkering nog aanvragen binnen 3 maanden nadat u bent gestopt.
  • Uw bedrijf voldeed elk jaar aan het urencriterium van de Belastingdienst.
  • De winst van uw bedrijf was de laatste 3 jaar lager dan € 30.968 bruto per jaar.
  • U verwacht dat uw inkomen in de toekomst lager wordt dan € 36.090 bruto per jaar.
  • U werkte:
    • minstens 10 jaar als zelfstandige in Nederland, of
    • de laatste 3 jaar als zelfstandige en daarvoor 7 jaar in loondienst in Nederland.

(Bedragen januari 2026)

De uitkering krijgt u vanaf de datum dat u stopt. 

Bezwaar en beroep

Bent u het niet eens met de beslissing van de gemeente? Dan kunt u bezwaar maken. Daarmee laat u weten waarom u het niet eens bent met de beslissing. Bezwaar maken moet binnen 6 weken.

Heeft u bezwaar gemaakt tegen de beslissing van de gemeente? Dan neemt de gemeente een nieuwe beslissing. Bent u het niet eens met die beslissing? Dan kunt u aan de rechtbank vragen of de gemeente een goede beslissing heeft genomen. Dat heet ‘in beroep gaan’. Doe dat binnen 6 weken. U kunt alleen in beroep gaan als u bezwaar heeft gemaakt.